“Creëren van een interne markt is van levensbelang” 19-01-2026 Vlak voor de jaarwisseling nam Martine Scheepstra de rol op zich van ambassadeur van de vierde pijler van het Deltalinqs Climate Program: duurzame grondstoffen. Als Operations Director van Ducor Petrochemicals brengt zij ruime praktijkervaring mee. “Ik vind het waardevol dat bedrijven zich aan dit programma verbinden,” zegt Scheepstra. “Juist vanuit de dagelijkse praktijk kan ik helpen om ideeën concreet te maken en stappen vooruit te zetten.” Grote opgaven, maar ook kansenVolgens Scheepstra staat de chemische industrie de komende jaren voor een belangrijke opgave. “De sector bevindt zich in een uitdagende periode. Voor veel bedrijven, waaronder Ducor, ligt de focus op het versterken van de basis en het toekomstbestendig maken van de bedrijfsvoering. Verduurzaming blijft daarbij een belangrijk doel, maar vraagt om een gezonde en stabiele uitgangspositie.”Die uitdagingen hebben verschillende oorzaken. “We zien toenemende concurrentie van producten uit andere werelddelen die tegen lagere prijzen op de Europese markt komen. Tegelijkertijd brengt produceren in Nederland relatief hoge kosten met zich mee, onder andere door energieprijzen en heffingen. Dat vraagt om scherpe keuzes, efficiëntie en samenwerking.”Vooruitgang in de grondstoffentransitieToch ziet Scheepstra duidelijke beweging in de grondstoffentransitie. “Het kost tijd om projecten van de grond te krijgen, maar er gebeurt veel. Bij Ducor hebben we recent besloten de krachten te bundelen met Blue Circle Olefins. Samen gaan we duurzame polypropyleen produceren."De samenwerking markeert het begin van een nieuw partnerschap waarin kennis en capaciteit worden gecombineerd. “We spelen daarmee in op de groeiende vraag naar duurzame materialen, met name in veeleisende marktsegmenten zoals gezondheidszorg, lifescience, auto-onderdelen, elektrische apparaten, verpakkingen en technische toepassingen. Daarnaast blijven we kijken naar andere mogelijkheden om energie te besparen en reststromen te verwaarden.”Onderscheidend vermogen van Nederlandse chemieDergelijke initiatieven zijn volgens Scheepstra essentieel om Nederlandse chemiebedrijven onderscheidend te houden op de wereldmarkt. “Ducor is een relatief compacte productielocatie met circa 100 medewerkers, maar we leveren producten met een hoge toegevoegde waarde. De medische markt is daarbij een belangrijk speerpunt. Juist daar zien we groeikansen, omdat producten uit andere regio’s niet altijd aan de strenge Europese normen voldoen.”Wel benadrukt ze dat innovatie tijd vraagt. “We moeten de ruimte krijgen om die ontwikkeling door te maken. Alleen dan kunnen investeringen in duurzame en hoogwaardige producten ook daadwerkelijk renderen.”Interne markt als sleutelEen belangrijk aandachtspunt daarbij is de inrichting van de productie. “We beschikken over drie productielijnen. Om één daarvan volledig volgens de nieuwe koers in te richten, zijn aanpassingen nodig, bijvoorbeeld om conventionele en duurzame grondstoffen strikt gescheiden te verwerken.”Dat is ook de reden dat Ducor actief deelneemt aan het vraagcreatieproject van Deltalinqs. “Het is van levensbelang dat we een sterke interne markt creëren, waarin grondstoffen worden afgenomen die in Nederland zijn geproduceerd.”Rol van de overheidVolgens Scheepstra ligt er met name aan de afnamekant nog veel potentieel. “Wij leveren nu vrijwel uitsluitend aan het bedrijfsleven. Het zou enorm helpen als ook de overheid zich nadrukkelijker als klant opstelt. Denk aan semioverheden zoals netbeheerders, Rijkswaterstaat en uitvoerende diensten. Door bewust te kiezen voor duurzame materialen van Nederlandse makelij, versterk je de eigen industrie.”Met het vraagcreatieproject wil zij hier actief aan bijdragen. “Door het gesprek aan te gaan met beleidsmakers en inkopers hopen we de afstand tussen producenten en overheden te verkleinen.”Ambassadeurschap met bredere blikIn haar rol als ambassadeur ziet Scheepstra vooral een kans om bij te dragen aan het grotere geheel. “Mijn carrière heeft zich tot nu toe vooral afgespeeld op de technische en operationele kant van een productielocatie. Juist daarom vind ik het interessant om nu ook de beleidsmatige kant beter te leren kennen. Die combinatie is nodig om samen te werken aan een duurzame en toekomstbestendige industrie.”