‘Waar verduurzaming stokt, wil ik graag laten zien wat er wél werkt'
Daan van der Have is ambassadeur van pijler 2, Duurzame logistiek, binnen het Deltalinqs Climate Program. Als directeur van Watertaxi Rotterdam zit hij precies op het snijvlak van stad en haven. Daar ziet hij dagelijks wat er nodig is om verduurzaming echt werkbaar te maken. ‘Het begint niet met nieuwe techniek, maar met de vraag: doen we het eigenlijk wel zo slim mogelijk?’
Daan van der Have komt niet uit de klassieke logistiek, maar uit de horeca. Toch ziet hij daar juist de basis van zijn manier van werken. ‘Horeca is logistiek op de vierkante meter. Elke stap die iemand te veel zet, kost geld.’ Die denkwijze paste hij ook toe toen Watertaxi Rotterdam met verduurzaming begon. ‘We zijn eerst gaan kijken hoe we efficiënter konden werken. Pas daarna ga je nadenken over elektrische aandrijving of andere oplossingen. Anders sla je iets essentieels over.’
De praktijk is weerbarstig
Die praktische blik was ook reden om ambassadeur te worden. Niet omdat hij daar per se op zat te wachten. ‘Ik hou niet van besturen, eerlijk gezegd. Maar dit vond ik belangrijk genoeg.’ Juist omdat hij ziet waar het in de praktijk misgaat. ‘Als kleiner bedrijf merk je dat plannen kunnen vastlopen. Niet omdat mensen het niet willen, maar omdat de randvoorwaarden er nog niet zijn.’
Daan ondervindt dat zelf ook. Zo moest een waterstof watertaxi uiteindelijk worden omgebouwd naar batterij-elektrische aandrijving, omdat een bunkerstation uitbleef. ‘Er was veel enthousiasme, maar uiteindelijk kwam het er gewoon niet. Dan moet je als bedrijf een keuze maken.’
Nieuwe, innovatieve elektrische schepen
Daarom ligt de focus nu volledig op elektrisch varen. Met hulp van een Europese JTF-Kansen voor West-subsidie werkt Watertaxi Rotterdam aan twee nieuwe schepen. Het eerste maakt gebruik van luchtkussen-techniek: onder de romp wordt lucht geblazen, waardoor het schip deels uit het water komt en de weerstand flink afneemt. Het tweede is een zogenoemde foil-assisted catamaran, met vleugels tussen de drijvers die het schip bij hogere snelheid optillen. In beide gevallen gaat het om hetzelfde principe: minder weerstand betekent minder energieverbruik, en dus wordt elektrisch snel varen mogelijk. Als die schepen doen wat ze moeten doen, is de volgende stap voor Daan duidelijk: ‘dan bouwen we er nog vijftien. En dan is het personenvervoer over water in Rotterdam in één klap emissievrij.’

De business case moet kloppen
Volgens Daan zit de sleutel niet in grote plannen, maar in wat er op de werkvloer gebeurt. ‘Uiteindelijk moet de business case gewoon kloppen voor de ondernemer.’ Hij noemt walstroom als voorbeeld. Die is op steeds meer plekken beschikbaar, maar wordt weinig gebruikt. ‘Die elektriciteit is momenteel duurder dan diesel. Als je wilt dat bedrijven overstappen, moet dat verschil verdwijnen, anders blijft het bij goede bedoelingen.’
Daarnaast speelt netcongestie een grote rol. ‘Wij willen in 2030 volledig emissievrij zijn. Maar zonder voldoende capaciteit houdt het op. Dan kom je op een wachtlijst en weet je niet waar je aan toe bent.’ Dat geldt niet alleen voor de watertaxi, maar voor een groot deel van de sector. Ook zit er volgens hem nog ruimte in hoe we omgaan met het bestaande elektriciteitsnet. ‘De aanbieders rekenen met maximale en continue afname per aansluiting, terwijl dat in de praktijk lang niet altijd wordt gebruikt. Als je daar slimmer mee omgaat, kun je veel meer uit het net halen.’
Iedereen is bezig, maar niet iedereen kan hetzelfde doen
Binnen de sector ziet hij een flinke en snelle beweging. Onder meer via de overlegtafel varende dienstverleners, waar onder andere de slepers, roeiers en loodsen bij betrokken zijn. Daan: ‘Vijf jaar geleden was bijna niemand hiermee bezig. Nu is iedereen ermee bezig. Alleen: niet ieder bedrijf kan dezelfde keuzes maken.’ Voor Watertaxi Rotterdam is het relatief overzichtelijk. De schepen varen kortere afstanden en kunnen tussendoor laden. Dat ligt anders voor partijen die dag en nacht op zee zitten. ‘Daar heb je andere oplossingen nodig. Het wordt geen uniforme aanpak.’
Laten zien wat werkt
In zijn rol als ambassadeur wil Daan vooral laten zien wat er mogelijk is. Niet met grote woorden, maar door het te laten zien in de praktijk. ‘We gaan onze ervaringen delen, mensen meenemen op die schepen en laten zien hoe het werkt. Daar zit voor mij de waarde van deze rol.’ Ook vindt Daan dat ogenschijnlijk kleine keuzes nog onderbelicht zijn. Die wil hij dus wat beter promoten. Bijvoorbeeld slimmer plannen, rustiger varen, beter gebruik maken van informatie. ‘Als je van tevoren weet dat je geen haast hoeft te maken om ergens op tijd te zijn, waarom zou je dan vol gas varen?’
Zijn bredere blik op de pijler Duurzame logistiek is dat emissievrij varen een belangrijke stap vormt, maar dat er nog meer winst te behalen is. ‘We staan nog maar aan het begin van slimmer werken. Met alles wat er nu door technologie, en op termijn de ruime beschikbaarheid van duurzame elektriciteit, mogelijk wordt, kun je logistiek nog veel efficiënter organiseren. Daar zit misschien wel de grootste winst.’