‘We hebben hier goud in handen, maar we moeten het wel benutten’
Na haar eerste honderd dagen als programmadirecteur Economische Transitie bij Deltalinqs kijkt Marianne Boersma met andere ogen naar de Rotterdamse haven. ‘Ik wist natuurlijk dat er hier veel speelt. Maar pas als je er middenin zit, zie je hoe groot en urgent de opgave echt is’, zegt ze.
Wat haar daarbij vooral motiveert, is hoe direct de haven verbonden is met het dagelijks leven. ‘Alles wat we doen raakt aan wat je thuis ziet: de producten in de supermarkt, de energie die je gebruikt. Dat maakt het werk ineens heel concreet en persoonlijk’, zegt Marianne. Die betrokkenheid was voor haar een belangrijke reden om deze rol te kiezen. Waar ze eerder werkte aan verduurzaming binnen een groot internationaal concern, voelt dit anders. ‘Hier heb ik het gevoel dat ik echt bijdraag aan iets wat dichtbij is. Niet alleen voor bedrijven, maar voor de hele samenleving.’
Verduurzamen én concurrerend blijven
De opgave waar de haven voor staat, is volgens haar helder en ingewikkeld tegelijk: verduurzamen én concurrerend blijven. ‘Iedereen ziet de noodzaak van verduurzaming. Maar bedrijven kunnen alleen verduurzamen als ze hier ook kunnen blijven bestaan’, zegt Marianne. In de praktijk schuurt dat. Bedrijven hebben te maken met hoge energieprijzen, netcongestie en trage vergunningstrajecten. ‘Dat zorgt ervoor dat bedrijven nu eerder in de overlevingsstand zitten dan in de investeringsstand’, legt ze uit. Juist daar ligt voor haar de kern van de opdracht: zorgen dat de randvoorwaarden op orde komen, zodat investeren en verduurzamen weer hand in hand kunnen gaan. ‘Het ligt niet aan de wil van bedrijven, maar aan de randvoorwaarden. Die moeten we verbeteren, en sneller ook.’
Verbinden, niet overnemen
Deltalinqs speelt daarin een belangrijke rol. Marianne ziet Deltalinqs nadrukkelijk als verbinder. ‘Wij bundelen wat er speelt in de haven en geven dit, inclusief oplossingsrichtingen, door aan beleidsmakers’, zegt ze. Ze gebruikt daarbij het beeld van een zandloper: signalen van bedrijven worden verzameld en doorgegeven, zodat er beweging ontstaat in een complex speelveld. ‘We moeten daarin ook niet afwachten, maar juist richting geven’, zegt Marianne. Tegelijkertijd bewaakt ze de grens. ‘We moeten niet op de stoel van bedrijven gaan zitten. Zij moeten hun eigen verhaal vertellen. Wij zorgen ervoor dat dat gesprek tot stand komt.’
Investeringen loskrijgen
Een concreet voorbeeld is Recharge Rotterdam. In dit programma werken Deltalinqs, Havenbedrijf Rotterdam en het ministerie van EZK samen om vastgelopen investeringen weer op gang te brengen. ‘Er zijn projecten die niet doorgaan door netcongestie of onduidelijke regelgeving’, zegt Marianne. ‘Onder de paraplu van Recharge Rotterdam kijken we heel gericht naar specifieke projecten én naar wat er nodig is om die investeringen wél mogelijk te maken. Denk aan thema’s als netcongestie, vergunningverlening en energieprijzen die investeringen nu in de weg staan.’ Volgens haar laat dit zien waar de haven nu staat: vol verduurzamingsplannen en bereidheid, maar afhankelijk van de juiste voorwaarden om dóór te pakken.
Vernieuwing
Naast verduurzaming ziet Marianne ook een duidelijke opdracht in vernieuwing. Digitalisering en AI spelen daarin een steeds grotere rol. ‘We moeten de haven slimmer en efficiënter maken, en bedrijven daarbij helpen’, zegt ze. Ook nieuwe bedrijven horen daarbij. Start-ups en scale-ups krijgen de ruimte, maar lopen tegen dezelfde belemmeringen aan als de gevestigde industrie, bijvoorbeeld netcongestie. ‘Als de randvoorwaarden niet kloppen, kunnen ook zij hier niet groeien’, stelt Marianne.
Maatschappelijke impact
Wat haar energie geeft, is de combinatie van maatschappelijke urgentie en maatschappelijke impact. ‘Je merkt dat alles wat hier gebeurt direct verbonden is met internationale stromen van energie en grondstoffen. Je deint als het ware mee op de golven van de wereldeconomie’, zegt Marianne. ‘Alles wat we hier in het havengebied doen, zie ik thuis terug: bijvoorbeeld in de producten die we gebruiken en de energie die we nodig hebben.’ En ondanks de complexiteit van alle Rotterdamse uitdagingen blijft ze optimistisch. ‘Onze haven heeft een unieke ligging: aan zee, met de wind als kracht, een diepzeehaven als poort naar de wereld en uitstekende verbindingen over water, spoor en weg. Die combinatie heeft ons groot gemaakt en is nog altijd van onschatbare waarde.
Gelukkig zien we vandaag dat deze sterke uitgangspositie opnieuw wordt benut. Van nieuwe waterstoffabrieken en de uitbreiding van klimaatneutrale containerterminals tot de ROS Groep met innovatieve elektrische vrachtwagens, er gebeurt ongelooflijk veel waar je trots van wordt. We hebben goud in handen. Maar we moeten het wel benutten. Als ons dat niet lukt, verliezen we veel waardevolle industrie en maken we ons afhankelijk van buitenlandse partijen. We moéten dus zorgen voor een beter investeringsklimaat in het Rotterdamse havengebied.’